De toendertijd 39-jarige Rosiek, van Surinaams-Hindoestaanse afkomst, woonde in de Rivierenbuurt en werd op 17 juni 2003 voor het laatst gezien. Ze was hoogzwanger van een tweeling. Op de desbetreffende avond werd Rosiek door haar minnaar Hans P., een oud-politieman, opgehaald. Ze had op 18 juni een afspraak in het ziekenhuis maar is daar nooit aangekomen. Sindsdien ontbreekt elk spoor van Hindoestaanse. Justitie en politie gaan er vanuit dat Rosiek en haar kinderen zijn vermoord.
Nieuwe aanwijzingen
P. werd een half jaar na de verdwijning opgepakt en gold als verdachte van de drievoudige moord maar werd algauw vrijgelaten wegens gebrek aan bewijs. De oud-politieman had nog een andere vriendin en een dochtertje. In 2006 zocht de politie op grond van nieuwe aanwijzingen in het IJsselmeer naar haar stoffelijk overschot, zonder resultaat. Later werd ook in ’t Twiske uitgebreid gezocht maar de graafexcercities liepen op niks uit.
De zaak nam een nieuwe wending toen bleek dat P. samen met Rosiek, lang voor diens vermissing, een kluis met 85.000 gulden had gestolen. De twee geliefden maakten ruzie over het geld en Rosiek dreigde haar relatie met P. bekend te maken als zij niet haar deel van het geld zou krijgen. Op cassettebandjes, waarop de ruzies zijn opgenomen, is te horen hoe P. Rosiek met de dood bedreigde.
In 2008 werd P. vrijgesproken van betrokkenheid bij de dood van zijn hoogzwangere minnares. Tegen hem was vijf jaar ceil geëist maar het enige harde bewijs tegen P. – drie bloedsporen van Rosiek in de kelderbox van zijn oude woning – was volgens de rechtbank niet bruikbaar omdat er niet meer viel aan te tonen hoe oud deze sporen waren. Volgens P. is Rosiek daar overigens nooit geweest.
Moord op de ongeboren tweeling
Het wordt de meest bizarre vermissing van deze eeuw genoemd, die van Deborah Rosiek uit Amsterdam.
Bron: Parool
